Hart voor Den Haag wil het Haagse Museumkwartier inhoudelijk versterken met nieuwe musea, waaronder een Oranjemuseum, een Delfts Blauwmuseum en mogelijk een Nationaal Popmuseum. Volgens fractievoorzitter Richard de Mos past dit bij de koninklijke en culturele identiteit van de stad.
De partij ziet vooral kansen voor een Oranjemuseum dat het verhaal van de Nederlandse monarchie vertelt. “We zien dat tijdens de jaarlijkse openstelling van paleis Noordeinde de belangstelling enorm is. Een museum waar de interesse voor koninklijke zaken het hele jaar door gevoed kan worden zou prachtig zijn,” zegt De Mos. Volgens hem beleeft de toerist het koninklijke karakter van Den Haag nu vooral op straat, ondanks dat bijvoorbeeld de koninklijke stallen steeds vaker toegankelijk zijn.
In het voorgestelde museum moeten belangrijke objecten en documenten van de koninklijke familie te zien zijn. Daarbij ziet de partij een rol voor het Koninklijk Huisarchief, dat in 1825 werd opgericht door koning Willem I. De collectie bevat archieven, bibliotheekstukken en historische verzamelingen van het huis Oranje-Nassau, waarvan sommige documenten teruggaan tot de 13de eeuw. Volgens De Mos is het “een schatkamer vol prachtige koninklijke verzamelingen” die een groot publiek verdient.
Daarnaast pleit de partij voor een Delfts Blauwmuseum in het Museumkwartier. Het Kunstmuseum Den Haag bezit een van de grootste collecties Delfts aardewerk ter wereld, met duizenden objecten uit verschillende perioden. Volgens De Mos is Delftsblauw wereldwijd een icoon van Nederlandse kunst en ambacht uit de Gouden Eeuw en past een dergelijk museum daarom goed in een museumdistrict met nationale iconen.
Ook wil de partij onderzoeken of het Nationaal Popmuseum (RockArt) in het Museumkwartier kan worden gevestigd. Den Haag staat bekend als popstad van Nederland en zou volgens De Mos een plek moeten hebben waar die muziekgeschiedenis museaal wordt verteld, met educatie, beleving en wisseltentoonstellingen. RockArt beschikt al over een omvangrijke collectie en zoekt al jaren een vaste locatie in Den Haag.
Internationaal laten musea als de British Music Experience in Liverpool en het Museum of Pop Culture (MoPOP) in Seattle zien dat popcultuurmusea grote publiekstrekkers kunnen zijn. Ze combineren muziekgeschiedenis met technologie, educatie en toerisme. Volgens De Mos kan een popmuseum Den Haag internationaal profileren en het Museumkwartier versterken.
Tegelijk blijft voor Hart voor Den Haag ook een locatie aan De Leyweg in beeld. Die zou volgens de partij kunnen dienen als hoofdlocatie, dependance of aanvullende hub die samen met het Museumkwartier een culturele route door Den Haag vormt.
De partij wijst ook op eerdere plannen voor een Hopjesmuseum, gewijd aan het Haagse Hopje, en noemt het vertrek van het Kinderboekenmuseum en het Literatuurmuseum uit Den Haag een gemiste kans voor de stad.
Tot slot wil Hart voor Den Haag dat Den Haag opnieuw werk maakt van een groot Escher-museum in de voormalige Amerikaanse ambassade aan het Lange Voorhout. Den Haag bezit meer dan 1000 werken van M. C. Escher, een van de grootste Eschercollecties ter wereld. Een plan om deze collectie daar onder te brengen en uit te bouwen tot ’s werelds grootste museale Escherpresentatie werd eerder ontwikkeld, maar raakte vertraagd en werd uiteindelijk opgeschort.
Volgens De Mos laat Den Haag daarmee een unieke kans liggen. “Als je een stad bent met zo’n collectie, dan moet je leveren, niet eindeloos doorschuiven. Dit had een publiekstrekker van wereldniveau kunnen zijn en een katalysator voor horeca, winkelpassages en de binnenstad. Gelukkig zijn er bijna verkiezingen.”
Bron: persbericht Hart voor Den Haag
Heb jij leuke nieuws tips of opmerkingen voor de redactie?
Stuur dan een bericht naar ons via: info@070online.nl

